Toen doorsijpelde dat Dick Matena aan het begin van dit millennium een oude wens in vervulling liet gaan door De avonden van Gerard Reve te ?verstrippen? (het woord dat dankzij Matena een begrip werd), leken de gouden stripdagen van krantenmagnaat Hearst weergekeerd: er was een voorpublicatie in Het Parool (fans kochten alle nummers, om de paginagrote afleveringen niet in te plakken, maar in zuurvrije cassettes op te bergen). En terecht, Matena trof feilloos de morbide, verveelde sfeer. Zoals Fokke tegen Sukke zei: ?In de gewone roman zat nog veel te veel vrolijk wit tussen de letters!?
Toen daarna Jan Wolkers aan de beurt was, kwam Matena niet met Turks fruit, maar met Kort Amerikaans, een boek dat hem in zijn jeugd trof als een bliksem. Die bewerking was nog een hele opgave, gezien het verschijningsritme van de drie delen. Hierna volgden met Dickens en Elsschot meer ?verstrippingen? volgens de ?Wet van Matena?, dus met handhaving van de volledige tekst. Een principe dat zich langzamerhand ging wreken, met voor mij als dieptepunt Kees de jongen van Theo Thijssen.
En nu is er dan, op initiatief van uitgeverij Meulenhoff, Turks fruit. Een behoorlijk autobiografische roman over een naamloze kunstenaar (Matena geeft hem het gezicht van Wolkers), die een fraaie romance beleeft, gevolgd door een even tragische als onafwendbare breuk, de rouw (met de vele vreugdeloze seks aan het begin van de roman), en het overlijden van de ex (die in werkelijkheid nog leeft: wraak, vooral op schoonmama). Het pleit voor Matena dat hij voor een ?nieuwe? vorm koos: de klassieke Nederlandse tekststrip, met per pagina een strook illustraties en de integrale tekst eronder, in oblong (liggend) formaat (kaassie sinds zijn Toonderstudio-tijd).
Maar het lijkt of de lectuur van deze ?berbeeldend geschreven roman deze illustraties niet duldt. Matena kiest voor fletse tekeningen, met ??n steunkleur. Van het vitalisme, de geilheid en de levensdrift blijft weinig over. Daarbij kiest hij voor close-ups met vreemde perspectieven, die statisch bovenaan de bladzijde blijven hangen. Achtergrond ontbreekt. Gelaatstrekken zijn verstard, lijnen rond mond lijken gebeiteld.
Matena heeft tijdens zijn bewerking de nodige lichamelijke malheur gehad. Dat is een verzachtende omstandigheid, maar met deze uitgave doet Meulenhoff de Wolkers-lezers geen plezier, noch de striplezers, laat staan de aanstaande lezers. Er was beter gekozen voor Tardi?s C?line-aanpak, met minder, maar wel rijke en grote illustraties.